Het gaat niet goed

20130226-184147.jpgHet gaat niet goed want ik heb heimwee. Ik mis mijn moeder. Ik wil bij haar op schoot zitten en samen lachen omdat dat nog kan en we ons er niet voor schamen. Ik wil dat ze over mijn hoofd aait en zegt dat alles goedkomt en dat ze trots op me is.

Het gaat niet goed want ondanks dat ik me streng aan mijn dieet houd, ben ik een halve kilo aangekomen. “Spierontwikkeling”, zegt iemand. Maar in mijn ogen heb ik gefaald ondanks dat ik leef op sla, thee zonder suiker en hardlopen.

Het gaat niet goed want het geld is op. De spaarrekening is leeg en ik heb geen baan. Ik kan hier niet werken en de freelanceklussen in Nederland zijn klaarblijkelijk op of worden uitgevoerd door mensen die nog wel in Amsterdam wonen. Mijn laptop is nog steeds kapot.

Het gaat niet goed want ik ken zo weinig mensen hier. Vooral een gebrek aan vrouwen begint me aardig op te breken. Ik wil praten over mannen, wijn en schoenen.

Het gaat niet goed want mijn beste vriendin is verhuisd naar Australië. Ik wil niet plannen wanneer ik met haar praat en ik wil haar een ongemakkelijke knuffel geven omdat we beiden nogal hechten aan personal space.

Het gaat niet goed want mijn zus woont in Canada en mijn broer de helft van de tijd in Amerika en mijn schoonzus is zo druk en mijn nicht is niet hier en Omi verft mijn haar niet meer en ik kan de glinstering in de ogen van mijn lieve surrogaatpapa niet zien en mijn vader wint van mij met Wordfeud en mijn tante speelt geen Wordfeud en mijn oom woont zo ver en zelf ben ik ook tante en grote nicht maar kan ik die rol nu niet op me nemen en dat is stom.

Het gaat niet goed want ik droom over iemand die officieel niet eens mijn ex is maar toch een soort van wel. Hij droomt niet over mij.

Maar goed, gelukkig heb ik nog een fles vodka in de koelkast staan. Vodka is mager. Alles is relatief.

Urrewur (ode aan de vriendschap)

‘Uwrrrwureww’. Dat was ongeveer het geluid dat S. op 4 februari in de WC van de Dansen Bij Jansen (begin er maar niet over) maakte. Stiekem moest ik een beetje lachen, maar het was een serieuze zaak. Dus ik pakte maar een glas water en ramde dat zo ongeveer haar strot in. Ja, hallo, ik had zelf ook al een vodkaatje op hoor!

S. ging niet dood, S. was niet ernstig ziek. S. was gewoon naar de gigagetver. En had dus bedacht half out te gaan op de WC en vervolgens wat te ‘urrewurren’ over bier. En ehm, andere zaken. Ik heb haar uiteindelijk thuis gekregen. De volgende dag hebben we de hele avond nog eens geanalyseerd en we kwamen tot de conclusie dat S. zich nooit meer in de binnenstad kon of mocht vertonen. En de foto’s hebben we maar geheim gehouden. Al hebben we er ook verschrikkelijk om gelachen, want ze was nogal bezig die avond.

Het is niet de beste avond die ik met S. mee heb gemaakt. Maar wel een avond die ons aardig typeert. Er gebeurt altijd wel wat, we drinken altijd wel teveel en er is altijd wel een persoon die de ander naar huis of een andere veilige plek moet zien te krijgen. Sneu, maar waar.

S. is één van mijn beste vriendinnetjes. In een korte tijd is ze uitgegroeid tot iemand die ik voor altijd in mijn leven wil hebben. Dat klinkt heel zoetsappig, I know, maar ik meen het wel. Zij is namelijk iemand die mij nooit uit zal lachen, me nooit zal veroordelen en altijd een eerlijk advies zal geven. Bij haar hoef ik me nergens voor te schamen.

Lange tijd mochten S. En ik elkaar niet zo. Ik vond haar maar een modepopje, en zij vond mij semi-arrogant. Voor een project werden we gedwongen om samen te werken, temeer omdat wij zo ongeveer de enige twee waren die het ook echt wel leuk vonden om iets te doen, en na een opdracht of drie had S. het idee dat we maar eens op een terras moesten gaan zitten. Samen hebben we zeven flessen wijn gedronken en dat was het begin van een mooie tijd waarin er bijna geen enkele dag is geweest waarop we elkaar niet contactten, al was het maar een sms met een tekst in de strekking ‘uwwrrwuurr’ erin.

Ik bel S. op als ik ontiegelijk lam ben. Zij stuurt mij ‘s nachts sms’jes waar ik niets, maar dan ook niets van begrijp. Als ik dan een heel logisch antwoord geef, vindt S. het maar lastig en zo zijn onze nachtelijke conversaties de dag erna nog interessanter. Ik neem haar mee uit als ze gedist is door Jezus. Zij komt naar me toe met drie flessen wijn als ik gedist ben door, nouja, in ieder geval niet Jezus. We zijn er voor elkaar. Lachen om dingen die niemand grappig vindt. En dat is juist wat onze vriendschap zo hecht maakt.

S. vliegt over anderhalve week naar Australië. Daar blijft ze zeker zeven maanden. Maar ergens ben ik bang dat ze langer blijft. Bijvoorbeeld omdat ze één of andere surferdude ontmoet. Dat is namelijk typisch S.. Die ontmoet altijd wel iemand. Zo is zij. Ze is ook een soort magneet voor toeristen in Amsterdam. Vooral Engelsen staan in de rij. Maar die moeten we meestal niet. Ik ben ontzettend trots op haar dat ze gaat. Dat ze het durft. S. is nog nooit zo ver van huis geweest. Venlo en Kreta waren wel de hoogtepunten. Oh, en Brussel natuurlijk. En Leuven. En oke, Engeland mag er ook nog bij. Maar dat was het dus wel. En nu laat ze alles achter, al haar vrienden, vriendinnen, familie, de toeristen en het bekende Amsterdam om haar geluk te beproeven en een supervette stage te lopen in Australië. Heb bewondering voor haar, echt. En ben blij voor haar. Maar ergens bekruipt me een soort eenzaam gevoel. Ik vraag me af wie ik nu midden in de nacht moet bellen om te zeggen dat ik door alle vodka uit bed ben gevallen. Wie er voor mijn deur staat met wijn ‘omdat dat gewoon even moet’. Wie neemt het voor me op als ik een discussie heb met dertig man, ook al is ze het niet met me eens? Wie kan ik altijd overhalen tot iets raars, wie ga ik nu vertellen over al mijn beschamende blunders en vooral over mijn disaster dates? Met wie bedenk ik wraakplannen voor zo ongeveer alle mannen die bij ons de revue hebben gepasseerd? Met wie bedenk ik bijnamen voor die mannen? Wie gaat er voor de eerste keer in haar leven op een dronken avond met een andere chick zoenen, ‘omdat ze best sexy was, ook al was ze maar 17′ en wil dat opzich best nog een keer doen omdat ik het even gemist heb? Ware het niet dat P. erbij zat, maar goed, anders had ze het dus nog een keer gedaan.

Vanavond gaan we samen in een bedstee slapen. Gratis overnachting in een soort boerderijhotel, moet voor stage. En ik neem haar lekker mee. Het is een soort persoonlijk afscheid. Nog één keer echt saampjes voordat ze gaat. Ik hoop dat we samen nog even kunnen urrewurren.

P.S. ik wil graag afsluiten met de volgende woorden: Kleine Klote Kabouter, Bert Brak, Koosje Kater, Merci dat ik vertrek, lamlastig, DANSEN BIJ JANSEN, Escape, Jezus, Royalities, vuilniszakken, Casablanca, San Fransisco, anti, karaoke, België, Strand West, Surprise Bar, Vondelpark, Unicef, adoptie, contract, cocktails, mannen-met-een-korte-spijkerbroek-boven-de-knie-en-bergschoenen-met-sokken-die-daar-bovenuit-steken, A-spot, wijn, vodka, bierontmaagding of eigenlijk gewoon het woord alcohol. Ik kan nog wel veel meer woorden bedenken, maar laten we het hier gewoon maar bij houden. Voor ons eigen bestwil.

Lieverd, ik ga je missen. Maar ik ben er als je terugkomt. Lekker urrewurren, met of zonder meegenomen surferdude. Und ich liebe dich. Sehr veel ja!

P.P.S. Degene die niet kan, moet toch altijd vervanging regelen? Aangezien ik af en toe voor jouw broertje zorg, wil ik een tijdelijke S.!